Het maken van een röntgenfoto lijkt misschien eenvoudig, maar regelmatig worden er technische fouten gemaakt. Als de röntgenopname niet goed genomen wordt kan het beeld bijvoorbeeld vertekend of onscherp zijn. Ook komt het voor dat de juiste gegevens ontbreken wanneer de foto niet juist is genomen. Omdat je de patiënt zo min mogelijk met straling wilt belasten, wordt de foto vaak niet opnieuw gemaakt. Maar heropnames komen ook regelmatig voor. Filmpositionering en foutieve inschietrichting zijn de voornaamste oorzaken van de noodzaak voor heropnames.
Het maken van een goede röntgenfoto is dus best ingewikkeld. In dit artikel belichten wij de 6 meest gemaakte technische fouten die gemaakt worden bij het maken van röntgenfoto’s. Ook leggen wij uit hoe je deze fouten kunt voorkomen.

Om de patiënt te beschermen tegen straling heeft het KNMT een richtlijn opgesteld. Minimaal 70% van alle gemaakten rontgenfoto’s moet meteen goed zijn. Van de overgebleven 30% mag 20% van deze opnames fouten bevatten, mits ze een diagnostische waarde hebben. Dit zorgt ervoor dat maar maximaal 10% van de opnames opnieuw gemaakt moet worden. Er wordt altijd uitgegaan van het ALARA-principe; houd de stralingsdosis ‘As Low As Reasonably Achievable’.
Het voorkomen van de meest gemaakte technische fouten zorgt ervoor dat je als praktijk aan deze richtlijn kunt voldoen.
Vanaf 2020 wordt strenger gecontroleerd of tandartspraktijken de regels rondom radiologie, stralingsbescherming en röntgenapparatuur naleven. Het is bijvoorbeeld verplicht om te voldoen aan de (na)scholingseisen voor het werken met röntgenapparatuur en CBCT. In ons eerdere artikel over de nieuwe KNMT richtlijnen rondom röntgen lees je wat deze ontwikkeling voor jou als assistente of praktijk betekent.
Het is als mondzorgprofessional dus sinds 2020 nog belangrijker om ervoor te zorgen dat je over de juiste kennis en vaardigheden beschikt als je werkt met röntgenapparatuur.

Een veel gemaakte technische fout bij de bite-wing röntgenfoto is overlap. Wanneer deze fout wordt gemaakt, is juist datgene wat beoordeeld moet worden onscherp door de overlapping. De oorzaak hiervan is dat de foto te ver vanaf distaal is ingeschoten.
Voorkom deze fout: Zorg voor een correcte plaatsing van de tubus. Probeer de tubus 10 graden naar de mesiaal in te stellen om overlap te voorkomen. Tijdens de cursus röntgen oefenen we dit in de praktijk.
Wanneer de röntgenfoto te ver naar achteren is geplaatst, mis je gegevens omdat er minder molaren aanwezig zijn. Een deel van de gegevens op de foto is niet bruikbaar, en daarom is het belangrijk dat de foto distaal van de cuspidaat start.
Voorkom deze fout: Start de foto distaal van de cuspidaat door de foto overdreven voorin de mond te plaatsen. Ook kan het helpen om de foto iets verder van de elementen af te nemen. Hierdoor kan de foto namelijk beter in de mondbodem zakken.
Bij het maken van een solo opname is het belangrijk om het gebied van de schildklier te vermijden. In de schildklier kan röntgenstraling namelijk voor meer schade zorgen. Deze fout wordt gemaakt omdat er te weinig kennis is over de beweging van straling en over de positie van de schildklier.
Voorkom deze fout: Let op in welke richting de stralingsbundel zich beweegt. Bij het maken van solo opnames van het bovenfront en de bovenmolaren is de kans op het bestralen van de schildklier het grootst. Je kunt straling in dit gebied voorkomen door een loodschild te gebruiken. Gebruik GEEN loodschort, want dit werkt juist nadelig! Belangrijk is het om van de kin naar de borst te bewegen, dus gewoon eenvoudig kin op de borst. Dit zorgt ervoor dat de stralingsbundel niet in de richting van de schildklier gaat. Ook dit wordt tijdens de cursus geoefend in de praktijk.
Wanneer je de röntgenbuis niet goed plaatst ten opzichte van de foto heb je minder – soms te weinig – gegevens op de foto. Dit maakt het in veel gevallen noodzakelijk om de foto opnieuw te maken. Deze fout wordt gemaakt als er geen gebruik wordt gemaakt van instelapparatuur. Helaas komt dit in de praktijk nog regelmatig voor.
Fout voorkomen: Gebruik altijd instelapparatuur zodat de röntgenbuis op de juiste wijze geplaatst wordt.
Als je een solo opname maakt wil je het element dat je gaat fotograferen zo veel mogelijk in het midden van de opname hebben. Daarnaast wil je dat er rond de wortels minimaal 3 millimeter extra op de opname staat. Op deze manier kun je afwijkingen in de kaak het beste beoordelen.
Wanneer er problemen zijn met de instelapparatuur worden de tubus soms niet op de juiste manier geplaatst. Maar ook kan het voorkomen dat de patiënt het lastig vindt om goed dicht te bijten of dat er geen duidelijke communicatie is over het centrale element.
Fout voorkomen: Als je een foto wilt maken die ver achterin de mond plaatsvindt, vraag dan de patiënt om de mond al iets te sluiten. Dit geeft je wat ruimte om de tubus verder naar achteren te plaatsen. Kies ook de juiste maat van de opname en doe niet te snel concessies bij lastige patiënten.
Vertekening van de foto komt regelmatig voor bij de solo opname, omdat de inschietrichting te horizontaal of te verticaal plaatsvindt.
Fout voorkomen: Vertekening van de röntgenfoto kun je voorkomen door op de juiste manier met instelapparatuur te werken.
Dit waren de 6 meest gemaakte fouten bij het maken van röntgenopnamen. Wil jij leren hoe je op de juiste manier röntgenfoto’s maakt en interpreteert? En wil jij meer kennis over straling en de theorie en wetgeving rondom röntgen? Bekijk onze (herhalings)cursus röntgen voor tandartsassistenten en mondhygiënisten.
Tijdens de cursus röntgen leer je hoe je zonder extra tijd nodig te hebben betere röntgenfoto’s maakt. De nadruk tijdens deze cursus ligt op de techniek, kwaliteit en reductie van de stralingsbelasting.
Op de hoogte blijven?
Scroll naar beneden en schrijf je in voor onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven.